Domein(persoons)naam

Wat kan je doen tegen een derde die jouw persoonsnaam als domeinnaam zonder jouw toestemming registreert? 

Zie bijvoorbeeld de websites timkuik.com of .nl [update: de url’s kunnen zijn verwijderd].

De niet-door-Tim Kuik-geregistreerde domeinnamen leiden in tegenstelling tot wat de domeinnamen doen vermoeden niet naar een persoonlijke website van de directeur van BREIN. Beide domeinnamen lijken een boodschap richting Tim, want timkuik.com is een website die laat zien hoe je illegaal kan downloaden en timkuik.nl linkt direct door naar de homepage van the Pirate Bay. Bij domeinnaamgeschillen wordt er vaak een beroep gedaan op recht op het gebruik van de handelsnaam, of de merknaam.

Merkenrecht
Dat deed ook voetballer Kew Jaliens die zijn woordmerk als domeinnaam geregistreerd zag (kewjaliens.nl en kew-jaliens.nl – beide offline). Vier jaar na de domeinregistratie trad hij op tegen de domeinhouder, met een succesvol beroep op zijn toen 1 maand jonge merkenrecht. Het spoedeisende belang was volgens de voorzieningenrechter gegeven, ook al kwam Kew Jaliens pas vier jaar na dato achter het feit dat zijn naam als domeinnaam was geregistreerd. Maar onder andere omdat de domeinnamen binnenkort vrij zouden komen was er sprake van spoedeisend belang. Doordat de domeinhouder de domeinnamen commercieel exploiteerde was er sprake van gebruik van andersmans merk in economisch verkeer. Nu de domeinhouder geen geldige reden voor dit gebruik aan kon tonen diende hij zijn domeinnamen bij Kew Jaliens in te leveren omdat er sprake was van merkinbreuk in de zin van art. 2.20 lid 1 sub c BVIE. Voor Tim is dit geen optie nu hij zijn naam niet als merk heeft geregistreerd.

Handelsnaam
Bij een handelsnaamgeschil gaat het er iets anders aan toe. Normaal gesproken is diegene die de domeinnaam als handelsnaam eerder voert, de rechthebbende op de domeinnaam, mits verwarringsgevaar aanwezig is (zie onder meer Nienoord). Maar ook zal de handelsnaamwet geen oplossing bieden voor Tim, gezien Tim zijn naam niet als handelsnaam voert.

Persoonsnaam
Tim lijkt de domeinnamen dus niet overgedragen te krijgen via de gebruikelijke route. Als Tim nou een bekende persoonlijkheid zou zijn dan zou het kunnen dat er “mensen zijn die informatie willen vergaren over het wel en wee van” Tim (r.o. 3.11 Kew Jaliens). Maar Tim geniet slechts bekendheid bij een selectgroepje downloaders en IE-intimie, echt bekend is Tim niet. Bovendien geldt dat voor een succesvol beroep op  bescherming van je persoonsnaam, zoals neergelegd in art. 1: 8 BW, het volgende uitgangspunt wordt genomen: “wie het eerst komt, wie het eerst maalt”. Hier zullen bijkomende omstandigheden een grote rol spelen. Daar zijn kanttekeningen bij te plaatsen nu dit artikel m.i. de uitweg zou moeten bieden – gezien de expliciete verwoording van dit subjectieve recht – voor dit soort zaken, tevergeefs.

Persoonlijke levenssfeer
Daarom zou Tim er verstandig aan doen zich op het standpunt te stellen dat hij niet geassocieerd wenst te worden met deze websites. De url’s doen namelijk vermoeden alsof Tim de domeinhouder is (exacte spelling speelt geen rol overigens, zie Jan Pieter Balkenende/Stichting Liever), waardoor Tim zijn goede naam wordt aangetast (10 EVRM lid 2).  De domeinhouder werpt dan natuurlijk op dat hij het recht heeft op de vrijheid van meningsuiting (10 EVRM). De rechter zal een belangenafweging dienen te maken. Dit levert waarschijnlijk geen probleem op, want die zal beamen dat hier nodeloos verwarring wordt veroorzaakt zonder dat daarmee een (voldoende) legitiem belang wordt gediend, immers hebben voornamelijk de (auteursrecht)inbreukmakers een belang bij het grapje van de domeinhouders. Met die redenering eindig je bij de conclusie dat de domeinnaam te kwader trouw is geregistreerd en zal de domeinhouder de domeinnaam in moeten leveren (vgl. Eiser R-C/Gedaagde).

WIPO
De laatstgenoemde uitspraak werd gedaan door het WIPO. Het voordeel van WIPO-arbitrage is de snelle (minder dan 45 dagen) behandeling. Echter is niet iedereen blij met de geschillenbeslechting door het WIPO. WIPO zou onvoldoende onafhankelijk zijn. In welke mate dat waar is laat ik in het midden, het is in elk geval goedkoper dan een gerechtelijke procedure (max. 1500 EUR), dat kan met name voor internationale geschillen een factor zijn die meeweegt.

This entry was posted in Grondrecht, Handelsnaamrecht, Merkenrecht and tagged , , . Bookmark the permalink.